Jagen op het Noorderlicht.

De reis heette ‘Fotoreis IJsland Noorderlicht’ dat schept bepaalde verwachtingen. Maar de aurora borealis blijft een natuurfenomeen, dat volledig zijn eigen agenda beheert. Vanaf de eerste dag heb ik drie aurora-apps op mijn telefoon staan, met alle alerts aan. En toch hebben we steeds pech: geen kans of te veel wolken. Het zal toch niet dat we IJsland verlaten zonder het iconische noorderlicht?

De derde nacht in IJsland worden we rond 02.00 uur door onze begeleider ons bed uit gehaald. Zij is al uren wakker, er is namelijk kans op het noorderlicht! Hup 5 lagen kleding aan, camera erbij. (Op dag 1 hebben we al geleerd wat de beste instellingen zijn voor het noorderlicht.) We maken tig foto’s van een bewolkte lucht en gaan teleurgesteld weer naar bed.

De dagen erna checken we continu de voorspellingen. En zien we: vrijdag heeft een hoge ‘KP-index’. Maar het weer verandert hier met de minuut. Dus of het vrijdag echt gaat gebeuren… Zondag vertrekken we, dus onze kansen worden kleiner terwijl de spanning stijgt.

Vrijdag rond een uur of vier zegt onze begeleider naast me:
“Ik zie een groene schittering in de lucht.”Ik zie alleen wolken.

Op hetzelfde moment rijden we voor de derde keer verkeerd. De navigatie is volledig de kluts kwijt. Te veel magneetdeeltjes in de atmosfeer…?

We komen uiteindelijk aan bij de waterval die we gaan fotograferen. Maar, fuck deze waterval. Snel terug naar het hotel, zodat we daar op tijd zijn. Het eten staat gepland om 19.00 uur, maar we halen het naar voren naar 18.00 uur. Zodat we klaar zijn zodra het donker genoeg is, mocht het fenomeen zich dan voordoen. Ik heb het gevoel dat ik op hete kolen (lava) zit.

Is dit hoe orkaanjagers zich voelen? Zo’n nerveuze spanning. Dat gevoel vlak voordat je vriendjes komen voor je verjaardagsfeestje, en je hoopt dat die ene leuke klasgenoot ook komt opdagen.

Camera-instellingen zet ik goed.
Batterij check.
SD-kaart check.
Statief check.

Tijdens het eten zien we maar één ding: regen, regen en nog meer regen. Het zicht wordt compleet weggevaagd. Denk: dikke mist, minder dan vijftig meter zicht. Terwijl het noorderlicht zo’n zestig kilometer boven ons danst.

Na het eten ga ik in een donkere hotelkamer zitten en turen naar de lucht. Na een halfuur toch maar naar buiten. De tweede Red Bull van de dag gaat erin. Het zou wel eens een lange nacht kunnen worden.

Toch maar naar buiten en oefenen met nacht- en sterrenfotografie met onze begeleider. Tussen de buien door. We staan met z’n drieën buiten; de rest zit lekker warm binnen. Af en toe maken we foto’s met onze telefoon, die door het ‘nachtstandje’ sneller het noorderlicht ziet.

Opeens zie ik een groene waas.

HERE WE GO!

Ik gooi een foto in de appgroep, maar dat kietelt de rest van de groep nog niet om naar buiten te komen. Maar het groen wordt intenser op de foto’s… en dan… barst het echt los.

“NU NAAR BUITEN KOMEN,” app ik.

Nu begint het echte werk: zoeken naar de beste compositie en instellingen. ISO, sluitertijd en handmatig scherpstellen op een onderwerp dat je eigenlijk niet kunt zien.

Trial and error.

En af en toe toch maar weer een iPhone-foto voor de zekerheid.

Plots worden we bijna omvergeblazen door de wind. Die is niet alleen voelbaar, maar ook hoorbaar. Regen komt eraan. En niet zomaar een buitje. We verzamelen binnen voor een snelle fotobespreking. Net als we zitten, krijgen we weer een aurora-alert. Wie wil er weer naar buiten?

Iedereen steekt z’n hand op.

We zijn net buiten als de hemel groen kleurt. Alles is met het blote oog te zien. Swirls voor, achter en boven ons. Fotograferen blijft lastig, maar dat maakt niet uit. Ik heb het gezien. Beleefd. Bucketlist: afgevinkt.

Een plotse sneeuwbui stuurt ons naar bed. Maar slapen lukt nog niet. Eerst weer even landen op aarde.

En de koffer weer inpakken. Over vijf uur gaat de wekker.

Voor mij voelde dit al als een apotheose van de reis,
maar de echte kers op de taart moest nog komen.

Op zaterdag krijgen we gedurende de dag weer aurora-alerts, maar ook sneeuwbui naar sneeuwbui over ons heen. Zo heftig dat er wegen sluiten en de auto achter ons zelfs van de weg raakt! We slapen die nacht in een hotel vlak bij het vliegveld, op een soort industrieterrein. Met veel te veel licht om het noorderlicht te kunnen zien.

We need a plan. Samen met onze geweldige begeleider gaan we op google maps op zoek naar een betere fotografieplek. Dat wordt een locatie twintig minuten rijden naar de kust, waar twee vuurtorens staan. Wie gaat er mee? Iedereen steekt zijn hand op.

Aangekomen stap ik uit de auto en ik zie het meteen, het komt eraan. En ik haast me naar de plek die ik fotografisch voor ogen heb. Een kleine gestreepte vuurtoren die aan de rand van het water stond.

De wind komt van alle kanten, dus de uitdaging is groter dan ooit. Lange sluitertijd, maar wel zorgen dat het statief en camera volledig stil blijft staan. En in het donker handmatig ergens op scherpstellen. Maar we hebben gister kunnen oefenen. Dus kom maar op groen monster. I’m READY!

En dan is het er. In volle glorie. Groen, paars. Dansend in de nacht.

Ik verplaats mijn camera om een stukje reflectie van de vuurtoren te kunnen meepakken.

Het noorderlicht danst over me heen en ik draai mijn camera mee. Hier zie je heel duidelijk de invloed van een stad en de bijkomstige luchtvervuiling. Nee, het is dus niet de zonsopgang.

Wat. Een. Ervaring.

Previous
Previous

Kleine sfeerimpressie van Iceland.

Next
Next

Het land van fire én ice? Ik zag vooral ice